Wat ik leerde over expats en hoogopgeleide migranten
Waarom we hetzelfde talent anders behandelen
Ik heb me het verschil vaak afgevraagd. In gesprekken met organisaties, gemeenten en scholen zie ik het steeds terug: twee mensen met vergelijkbare opleidingen, ervaring en ambitie.
De één noemen we expat.
De ander migrant of vluchteling.
En vanaf dat moment gebeurt er iets. Niet met hen, maar met óns. Met hoe wij kijken. Met hoe ons systeem zich organiseert.
De onzichtbare regels achter inclusie
Als corporate antropoloog kijk ik naar de ongeschreven regels. Naar wat er onder beleid ligt. Naar de verhalen die systemen zichzelf vertellen om logisch te blijven. En dan zie ik dit verschil scherp terug.
De expat stapt een systeem binnen dat al op hem is ingericht.
De hoogopgeleide migrant stapt een systeem binnen dat hem eerst wil begrijpen, controleren en plaatsen.
Bij de één is het vertrekpunt vertrouwen en waarde. Bij de ander is het vertrekpunt onzekerheid en toetsing. Dat verschil is zelden expliciet, maar overal voelbaar.
Twee werkelijkheden in één systeem
Wat hier speelt, is geen individueel vooroordeel. Het is een culturele ordening. In veel organisaties leeft, vaak onbewust, het idee dat een expat komt bijdragen aan groei, terwijl een migrant eerst moet landen in het systeem. Dat zijn twee totaal verschillende scripts. En scripts sturen gedrag. Ze bepalen hoe snel iemand toegang krijgt tot netwerken, hoeveel ruimte er is om fouten te maken en of iemand gezien wordt als professional of als casus. We denken dat we inclusief zijn. Maar ondertussen houden we twee werkelijkheden in stand.
Waarom systemen dit onderscheid maken
De vraag die mij blijft bezighouden: waarom kiezen we als systeem zo vaak voor deze scheiding? Waarom organiseren we snelheid en gemak voor de één, en vertraging en bewijsdrang voor de ander, zelfs wanneer de potentie vergelijkbaar is? Systemen optimaliseren op voorspelbaarheid en economische zekerheid. De expat past in dat plaatje. De migrant verstoort het. Maar precies daar zit ook de rijkdom die we nu onvoldoende benutten.
Van braindrain naar brainwaste
Wat mij raakt, is dat we talent anders waarderen. Niet op basis van wat iemand kan, maar op basis van hoe herkenbaar iemands verhaal is voor het systeem. En dat leidt tot verlies. Verlies van talent, van perspectief en van menselijkheid in hoe we organiseren. Geen braindrain, maar brainwaste.
Ubuntu & inclusie
In de Ubuntu-traditie, “Ik ben, omdat Wij zijn en omdat de Planeet is”, bestaat deze hiërarchische scheiding niet. Daar is iemand niet eerst een categorie, maar een mens in relatie tot anderen. Dat vraagt iets fundamenteels van systemen. Dat we niet beginnen bij controle, maar bij verbinding. Niet eerst vragen waar iemand past, maar hoe we samen horen.
Inclusie begint bij zien
Voor leiders, beleidsmakers en opvoeders ligt hier een spiegel. Systemen veranderen niet vanzelf, maar via de keuzes die wij dagelijks maken. In hoe we talent herkennen, hoe we toegang organiseren en welke verhalen we blijven herhalen. Het verschil zit niet in de mens, maar in de bril die wij opzetten.
Misschien begint verandering wel bij een klein moment. Het moment waarop we onszelf betrappen en besluiten:
Ik wil je eerst zien.
🙋♀️ Sawubona! Ik ben Leontine van Hooft
🧠 Spreker, corporate antropoloog, auteur en B Corp ondernemer
🌍 Ubuntu: Ik ben, omdat Wij zijn en de Planeet is
📚 Prijswinnend auteur van 3 managementboeken en 3 kinderboeken over Ubuntu en Ubuntu leiderschap (Verkrijgbaar in NL & EN)
✨Bedenker van Ubuntopia®, Ubuntu voor kinderen
🗣 Boek mijn lezingen en masterclasses voor jouw congres via www.leontinevanhooft.nl
Beeld: Canva Pro

